Jok, jon, jos, jot, jom, …
De West-Vlamingen vervoegen dus ook de woordjes “ja” en “nee”. Vaak willen niet-West-Vlamingen dat nadoen, maar meestal doen ze het fout en zijn ze dus onmiddellijk ontmaskerd! Hier dus een overzichtje:
Ja:
- jok (ik)
- joj (jij/jullie)
- jon (hij)
- jos (ze/zij)
- jot (het)
- jom of jow (wij)
De “korte o” wordt lang uitgesproken (denk Limburgs, maar dan iets sneller)
Nee:
- nink (ik)
- nij (jij/jullie)
- nin (hij)
- nis (ze/zij)
- nint (het)
- nim of niw (wij)
Bij nin/nis wordt de “i” lang uitgesproken (zie boven).
Ik vermoed dat die “vervoegingen” komen door de samentrekkingen, bv “ja ik” -> “ja’k”, “nee je(jij)” -> “neeje” -> “neej”. Bij de West-Vlamingen is dat aangeboren
Tags: west vlamingen vervoeging ja nee
2 comments
2 Comments so far
Leave a reply

Nochtans in Zuid-Oos-Vlaanderen gebruikt men net dezelfde vervoegingen. Ik denk niet dat het louter West-Vlaams is.
Het ligt vrij dicht bij elkaar (in Belgiƫ ligt alles vrij dicht bij elkaar eigenlijk). Lijkt me logisch dat de dialecten aan de provinciegrenzen in elkaar overlopen.